Sluiten     Printen
Aantal banen in industrie blijft op peil
Onderzoek naar belang noordelijke industrie in 1950 tot 2025
Door Henk Wollerich
-
groningen Het idee dat de werkgelegenheid in de industrie in het Noorden steeds verder afkalft, klopt niet. Integendeel zelfs. In het Noorden waren in 2002 20.000 banen meer in de industrie dan in begin jaren 50. Ook de komende jaren blijft de teruggang beperkt. En ondanks negatieve berichten die anders doen veronderstellen, nam het aantal banen tussen 1984 en 2002 in slechts zeer geringe mate af: met 5 procent ofwel 5000 banen. Het aantal stabiliseerde in die jaren min of meer rond de 100.000, zo blijkt uit een in opdracht van TxU uitgevoerd onderzoek door het Urban and Regional Studies Institute (URSI) van de Faculteit der Ruimtelijk Wetenschappen van de Rijksuniversiteit in Groningen. Daar kan volgens de onderzoekers dr. Lourens Broersma en prof. dr. Jouke van Dijk de conclusie uit worden getrokken dat de noordelijke arbeidsmarkt veel dynamischer is dan landelijk. "Het noordelijk bedrijfsleven speelt flexibeler in op de economische dynamiek. Er werden meer banen gecreëerd dan vernietigd. Alleen in een beperkt aantal recessiejaren is de baanvernietiging groter geweest dan de baancreatie." De onderzoekers hebben de cijfers uit het verleden gebruik om de ontwikkeling van de bedrijfstak in het Noorden op de lange termijn te bepalen. Het industrieaandeel gaat teruglopen en wel van circa 100.000 banen in 2002 tot 89.000 in 2025. Opvallend is dat Drenthe meer industriebanen houdt dan Groningen en Friesland. Verontrustend is volgens de onderzoekers het feit, dat het Noorden tussen 1995 en 2002 een grotere achterstand op de rest van het land heeft opgelopen op het gebied van innovatie. Innovatie is juist een potentiële motor van groei, zeker nu alle laaggeschoolde serieproductie in de regio onherroepelijk gaat verdwijnen naar lagelonenlanden. Lichtpuntje in dit verband is Drenthe: de industrie in die provincie ligt juist steeds verder vóór op het landelijk gemiddelde als het gaat om innovatie-intensiteit (investeringen in productvernieuwing als percentage van de totale toegevoegde waarde). Drenthe blijkt vooral sterk te zijn in sectoren waarin veel productinnovaties plaatsvinden, terwijl Groningen en Friesland het moeten hebben van sectoren met overwegen procesinnovaties.
Economie         
Top