Stadsdag 2007
'De economische kracht van de stad'
Donderdag 25 januari 2007
Martiniplaza, Groningen
Martiniplaza, Groningen
De economische kracht van de stad
Welke factoren en ontwikkelingen bepalen de economische kracht van steden en stedelijke gebieden?
Hoewel veel onderzoekers zich met deze vraag hebben beziggehouden, is het definitieve antwoord nog niet gevonden. Is er zonder een bloeiende en groeiende economie geen leefbare stad, omdat dan de werkloosheid toeneemt en de inkomens en bestedingen dalen? Of komen de positieve effecten van de economische kracht van de stad vooral terecht in de omliggende regio en de negatieve effecten in de stad zelf? Is de stad het broeinest van creativiteit en ondernemerschap of komt die vooral uit de omgeving van de stad? Wordt de stad zo langzamerhand een blok aan het been van een economisch sterke regio, vanwege de dichtslibbende infrastructuur en de concentratie van sociale problemen? Of geldt dit alleen voor de grote steden en worden de kleinere steden de drijvende krachten achter economisch succes?
Tijdens de NETHUR Stadsdag op 25 januari 2007 wordt onder leiding van dagvoorzitter prof.dr. Piet Pellenbarg ingegaan op bovenstaande vragen, zowel vanuit de economische theorie als vanuit de praktijk.
Prof.dr. Jan Lambooy (Universiteit Utrecht) zal het thema vanuit een theoretische invalshoek analyseren. Aan de orde komen onder meer de New Economic Geography (NEG) en de Evolutionaire Economische Geografie (EEG), maar ook de 'growth-accounting' waarbij de nadruk wordt gelegd op technologie en kwaliteit (Total Factor Productivity) en de Neo-Schumpeteriaanse innovatietheorie van het succes en falen van ondernemers. Groeikracht van steden kan ook worden benaderd vanuit het productiesysteem, of vanuit de consumptie als drijvende kracht, maar vooral ook door de mogelijkheden van specialisatie en diversiteit. Clusters, netwerken, creativiteit en knowledge spillovers, maar ook de geschikte 'governance structure' spelen daarbij een rol.
Dr. Willem van Winden (EURICUR, Erasmus Universiteit) gaat in op de vraag of grootstedelijke regio’s door agglomeratievoordelen echt productiever zijn dan minder verstedelijkte gebieden. Hij heeft daartoe gegevens geanalyseerd van de twintig grootste metropolitane regio’s van Europa. Hij gaat ook in op de rol van kleinere en middelgrote steden in het metropolitane geweld van de Europese kenniseconomie.
Dr. Ida Terluin (Landbouw-Economische Instituut, Den Haag) gaat in op de rol die kleinere kernen vervullen als economische motor van het omliggende platteland. Zij heeft daartoe voor zes kleine kernen in Nederland de economische transacties van huishoudens en bedrijven in kaart gebracht.
In de parallelsessies in de middag staan de volgende thema’s centraal:
- arbeidsmarkt en woningmarkt
- ondernemerschap en bedrijvendynamiek
- economische motoren van de stedelijke economie in Nederland en Europa
- economisch beleid van gemeenten: stimuleren of faciliteren?
Met name de jonge onderzoekers en promovendi worden van harte uitgenodigd hun (lopend) onderzoek te presenteren in de parrallelsessies. Tevens worden beleidsmakers uitgenodigd hun beleidservaringen en -vragen in te brengen. Degenen die binnen één van bovenstaande thema’s een paperpresentatie willen houden, wordt aangeraden zo spoedig mogelijk contact op te nemen met Jouke van Dijk (Jouke.van.Dijk@rug.nl)
De NETHUR Stadsdag wordt dit jaar georganiseerd in samenwerking met de Faculteit Ruimtelijke Wetenschappen van de Rijksuniversiteit Groningen, NICIS (Netherlands Institute for City Innovation Studies) en de Gemeente Groningen.
Welke factoren en ontwikkelingen bepalen de economische kracht van steden en stedelijke gebieden?
Hoewel veel onderzoekers zich met deze vraag hebben beziggehouden, is het definitieve antwoord nog niet gevonden. Is er zonder een bloeiende en groeiende economie geen leefbare stad, omdat dan de werkloosheid toeneemt en de inkomens en bestedingen dalen? Of komen de positieve effecten van de economische kracht van de stad vooral terecht in de omliggende regio en de negatieve effecten in de stad zelf? Is de stad het broeinest van creativiteit en ondernemerschap of komt die vooral uit de omgeving van de stad? Wordt de stad zo langzamerhand een blok aan het been van een economisch sterke regio, vanwege de dichtslibbende infrastructuur en de concentratie van sociale problemen? Of geldt dit alleen voor de grote steden en worden de kleinere steden de drijvende krachten achter economisch succes?
Tijdens de NETHUR Stadsdag op 25 januari 2007 wordt onder leiding van dagvoorzitter prof.dr. Piet Pellenbarg ingegaan op bovenstaande vragen, zowel vanuit de economische theorie als vanuit de praktijk.
Prof.dr. Jan Lambooy (Universiteit Utrecht) zal het thema vanuit een theoretische invalshoek analyseren. Aan de orde komen onder meer de New Economic Geography (NEG) en de Evolutionaire Economische Geografie (EEG), maar ook de 'growth-accounting' waarbij de nadruk wordt gelegd op technologie en kwaliteit (Total Factor Productivity) en de Neo-Schumpeteriaanse innovatietheorie van het succes en falen van ondernemers. Groeikracht van steden kan ook worden benaderd vanuit het productiesysteem, of vanuit de consumptie als drijvende kracht, maar vooral ook door de mogelijkheden van specialisatie en diversiteit. Clusters, netwerken, creativiteit en knowledge spillovers, maar ook de geschikte 'governance structure' spelen daarbij een rol.
Dr. Willem van Winden (EURICUR, Erasmus Universiteit) gaat in op de vraag of grootstedelijke regio’s door agglomeratievoordelen echt productiever zijn dan minder verstedelijkte gebieden. Hij heeft daartoe gegevens geanalyseerd van de twintig grootste metropolitane regio’s van Europa. Hij gaat ook in op de rol van kleinere en middelgrote steden in het metropolitane geweld van de Europese kenniseconomie.
Dr. Ida Terluin (Landbouw-Economische Instituut, Den Haag) gaat in op de rol die kleinere kernen vervullen als economische motor van het omliggende platteland. Zij heeft daartoe voor zes kleine kernen in Nederland de economische transacties van huishoudens en bedrijven in kaart gebracht.
In de parallelsessies in de middag staan de volgende thema’s centraal:
- arbeidsmarkt en woningmarkt
- ondernemerschap en bedrijvendynamiek
- economische motoren van de stedelijke economie in Nederland en Europa
- economisch beleid van gemeenten: stimuleren of faciliteren?
Met name de jonge onderzoekers en promovendi worden van harte uitgenodigd hun (lopend) onderzoek te presenteren in de parrallelsessies. Tevens worden beleidsmakers uitgenodigd hun beleidservaringen en -vragen in te brengen. Degenen die binnen één van bovenstaande thema’s een paperpresentatie willen houden, wordt aangeraden zo spoedig mogelijk contact op te nemen met Jouke van Dijk (Jouke.van.Dijk@rug.nl)
De NETHUR Stadsdag wordt dit jaar georganiseerd in samenwerking met de Faculteit Ruimtelijke Wetenschappen van de Rijksuniversiteit Groningen, NICIS (Netherlands Institute for City Innovation Studies) en de Gemeente Groningen.
Doelgroep
De NETHUR Stadsdag is met name interessant voor onderzoekers, docenten, beleidsmakers en beleidsadviseurs die zich bezighouden met (de relaties tussen) ruimtelijke, economische, sociale en culturele ontwikkelingen in steden en regio’s.
De NETHUR Stadsdag is met name interessant voor onderzoekers, docenten, beleidsmakers en beleidsadviseurs die zich bezighouden met (de relaties tussen) ruimtelijke, economische, sociale en culturele ontwikkelingen in steden en regio’s.