| Vervolg van voorpagina
GRONINGEN[Vergeleken met de rest van het land, komt het
Noorden economisch al aardig bij, mede dankzij de miljoenen
uit het Kompas-potje voor regionale steun. Tien jaar geleden
bedroeg de relatieve noordelijke achterstand ten opzichte van
de landelijke werkgelegenheid nog 55.000 banen. Inmiddels is
dat geslonken tot 35.000. De komende vijftien jaar zal het -
afhankelijk van de economische ontwikkeling - afnemen tot
27.000 of 18.000 in het gunstigste scenario. De economen van
de Rijksuniversiteit Groningen hebben twee toekomstmodellen
uitgewerkt, afhankelijk van de ontwikkeling van de Nederlandse
en de wereldeconomie. In het beste geval komen er in Noord-
Nederland vierduizend bij, in het ergste geval gaan er
zeshonderd af. De werkloosheid zal dan 5 of 9 procent van de
beroepsbevolking bedragen.
Hoe dan ook, in de landbouw en de industrie zullen
duizenden banen verdwijnen. Zelfs bij een bloeiende economie
zal de industrie in Noord-Nederland 10.000 arbeidsplaatsen
verliezen. Die afname wordt echter dubbel en dwars goedgemaakt
door de groei in de dienstverlenende sector. In het sombere
scenario raakt de industrie 12.000 banen kwijt, en zal de
dienstensector dat niet goed kunnen maken
Hoogleraar Jouke van Dijk ziet niet alle industrie
verdwijnen, maar binnen de blijvende bedrijven zal veel meer
behoefte ontstaan aan hooggeschoolde medewerkers. Voor lager
opgeleiden zal nauwelijks nog plaats zijn. De horeca en
detailhandel bieden onvoldoende uitwijkmogelijkheid. Dus moet
er hard worden gewerkt aan een verhoging van het
opleidingsniveau van jongeren. ,,Minimaal is mbo nodig, vmbo
en havo zullen niet langer voldoende zijn'', aldus Van Dijk.
De wetenschappers gaan er in hun toekomstverwachtingen van
uit dat het Noorden profiteert van de vergrijzing van de
bevolking. Westelijke pensionado's zullen de volle Randstad
ontvluchten. Bovendien zullen ook bedrijven de weg naar het
Noorden weten te vinden, voorzien ze. Dankzij de clustering
van bedrijvigheid in economische kerngebieden wordt het
Noorden steeds aantrekkelijker, terwijl de zaken in de
Randstad juist vastlopen als gevolg van clustering.
Het aantal vrouwen dat een baan heeft, is in het Noorden
vooral de laatste vijf jaar drastisch toegenomen: van 50 naar
55 procent. Dat is nog maar 3 procent beneden het landelijk
gemiddelde. De komende vijftien jaar zal de participatiegraad
van vrouwen verder groeien naar 63 of 73 procent, afhankelijk
van de economische ontwikkeling.
|