|
|
| Inhaalslag van Noorden zet gestaag
door |
| Studie: Regio zal
werkgelegenheidsachterstand op rest van land tot 2020 halveren
|
| groningen - De noordelijke
arbeidsmarkt haalt haar achterstand op de rest van het land de
komende jaren verder in. Als het economisch tij meezit, zal de
regio haar werkgelegenheidsachterstand op de rest van het land
tot 2020 nog eens ruimschoots halveren. Daarbij wordt de
zakelijke dienstverlening, met name in de stad Groningen, de
grote banenmotor. |
| Dat voorspellen onderzoekers van de
Rijksuniversiteit Groningen in de Noordelijke Arbeidsmarkt
Verkenning 2006. De resultaten van deze jaarlijkse studie, in
opdracht van onder meer de drie noordelijke provincies en het
Centrum voor Werk en Inkomen, werden gisteren gepresenteerd in
Groningen. De afgelopen jaren groeide de werkgelegenheid in
het Noorden al harder dan landelijk en de komende jaren blijft
dat zo. De regio telt nu nog maar 35.000 arbeidsplaatsen
minder dan feitelijk zou moeten op grond van het landelijk
beeld. In 1994 lag deze werkgelegenheidsachterstand nog op
55.000 banen. Als de economie meewerkt, bedraagt de
achterstand in 2020 nog maar 17.000 banen. Maar ook bij minder
gunstige omstandigheden zal het Noorden zijn inhaalslag op de
rest van het land doorzetten, voorspelt hoogleraar regionale
arbeidsmarktanalyse Jouke van Dijk. Toenemend ruimtegebrek in
de Randstad zal hoe dan ook tot een trek van zowel
bedrijvigheid naar deze regio leiden, als van ouderen die hier
komen wonen ('Drentenieren'). Het economisch tij is hooguit
van invloed op het tempo van die ontwikkeling. Deze trends
zullen de economische structuur van de regio de komende jaren
ingrijpend veranderen. Nu al verliezen traditionele pijlers
als bouw, landbouw en met name industrie steeds meer terrein.
Vervangende werkgelegenheid moet komen van horeca, zorg en
vooral de (zakelijke) dienstverlening. De laatste sector
levert nu al veel nieuwe banen op in de stad Groningen en die
groei zet de komende jaren sterk door. (DvhN)
|
Nieuwe kansen voor
vrouwen De veranderingen die de noordelijke economie de
komende jaren ondergaat, bieden volgens onderzoeker Van Dijk
ook nieuwe kansen voor vrouwen. Tekenend is dat de banengroei
in 2004 volledig ten goede kwam aan deze tot dusver
ondervertegenwoordigde groep op de arbeidsmarkt. Het aantal
door vrouwen bezette banen steeg in dat jaar met 1 procent,
terwijl de werkgelegenheid bij de mannen juist met 1,3 procent
afnam. De veranderingen in de noordelijke economie vergen
volgens de Groningse professor ook een versterkte concentratie
op scholing. Met het verdwijnen van traditionele industrie
naar lage lonenlanden blijft er ook steeds minder werk voor
laagopgeleiden over. Zij moeten hopen op emplooi in de zorg,
detailhandel en horeca. Maar ook daar worden de
opleidingseisen volgens de onderzoekers opgeschroefd naar
minimaal mbo-plus. "Havo is niet meer genoeg", aldus Van Dijk.
|
| Economie
| |
|
NDC Informatieservice | © 2006 NDC
Holding B.V. Onder voorbehoud van alle rechten die berusten
bij uitgever en/of
auteur. |
| |