| TxU overlegt goede
rapportcijfers |
|
_files/pijl.gif) |
_files/pw.gif) |
TXU: ENTHOUSIASME OVER
IMPLEMENTATIEPROJECTEN
|
De eerste fase
van TxU-4 is geëvalueerd. Professor Jouke van Dijk kwam in
zijn onderzoek tot goede rapportcijfers. Zo overtroffen de op
termijn verwachte extra omzet en werkgelegenheid bij
deelnemers aan implementatieprojecten de doelstellingen. De
hoogleraar ontmoette bij deelnemende toeleveranciers veel
enthousiasme. Vooral bij de implementatie van verbeteringen
wist TxU toegevoegde waarde te leveren. Natuurlijk waren er
ook verbeterpunten. Met name de betrokkenheid van uitbesteders
bij TxU kan in het vervolg nog beter. Die volgende fase komt
er. Terecht, gezien de positieve uitkomsten van de evaluatie.
Evaluatie is tegenwoordig verplicht bij het
Samenwerkingsverband Noord-Nederland (SNN), dat vanuit de
zogeheten Kompasgelden een belangrijke subsidiënt van TxU is.
Daarom werd Jouke van Dijk begin 2003 gevraagd de evaluatie
van de eerste fase van TxU-4 voor zijn rekening te nemen. Als
hoogleraar Regionale Arbeidsmarktanalyse aan de
Rijksuniversiteit Groningen en auteur van onder meer de
Noordelijke Arbeidsmarkt Verkenningen is hij bekend met de
omgeving waarin TxU opereert. Zijn belangrijkste opdracht was
om in antwoord op de resultaatsverwachtingen van SNN de extra
omzet en werkgelegenheid als gevolg van TxU helder in kaart te
brengen (zie het kader). Uiteindelijk bleek TxU erin geslaagd
de doelstellingen te halen, aldus Van Dijk. ‘Dat is mij
meegevallen. Toen ik er voor het eerst bij werd betrokken,
dacht ik: ‘Dit wordt niks.’ De start was namelijk moeizaam,
door de trage besluitvorming bij SNN en vanwege het feit dat
een Europese aanbesteding vereist bleek. Daardoor was van de
2,5 jaar al bijna een jaar verstreken en bovendien stond TxU-4
onder een slecht economisch gesternte. Drie jaar eerder had
TxU bij wijze van spreken met de armen over elkaar kunnen
zitten en dan nog had elke deelnemer groei vertoond.’
Toegevoegde waarde
Van Dijk schrijft het
succes van TxU vooral toe aan de ontwikkeling die in het
programma zit, van verkenning in de eerste fases naar hulp bij
implementatie in TxU-4. ‘Dat heeft gewerkt: bedrijven die bij
een implementatieproject waren betrokken, gaven in de enquête
de hoogste waarderingscijfers. Terwijl ze bij de implementatie
een forse eigen bijdrage betaalden, waren ze toch tevredener
dan andere deelnemers. De lering die je hieruit kunt trekken,
is dat voor dergelijke projecten meebetalen geen bezwaar hoeft
te zijn.’ De hoogleraar verklaart het enthousiasme voor TxU
uit de toegevoegde waarde die het bij implementatie oplevert.
Voorheen stagneerde die toch vaak bij de bedrijven, vanwege te
weinig capaciteit of prioriteit. Ook de selectie van
consultants door TxU had een positief effect, aldus Van Dijk.
‘Uit een ING-studie bleek enkele jaren geleden dat Noordelijke
bedrijven terughoudend waren met het inhuren van externe
adviseurs. TxU heeft daar een brug geslagen.’
Verbeterpunt
Anderzijds bleek uit de
evaluatie ook dat een aantal bedrijven was teleurgesteld; zij
hadden niks aan TxU gehad. Die scherpe tweedeling in reactie,
enthousiasme versus teleurstelling, verraste Van Dijk wel:
‘Sommige bedrijven dachten iets te hebben, maar er was niks.
Dat kan natuurlijk, dat er geen uitbesteders zijn met
belangstelling voor hen. Maar ik vind het wel sneu voor die
toeleveranciers. De rol van uitbesteders had vooraf
duidelijker moeten zijn. Dat vind ik een van de
verbeterpunten: de uitbesteders beter bij TxU betrekken en
nauwkeuriger inventariseren wat zij toeleveranciers te bieden
hebben. Tegelijk moet in de communicatie met toeleveranciers
helder zijn, dat er een kans bestaat dat er voor hen niks in
zit. Dit om teleurstelling te voorkomen.’
Draagvlak
Maar als Van Dijk de balans
opmaakt, dan vindt hij dat TxU het heel goed heeft gedaan,
zeker gezien de moeizame start. ‘Een bedrag van 11.000 euro
Kompasgeld aan subsidie per extra arbeidsplaats is heel
redelijk, als je ook nog meerekent dat een bedrijf na zo’n
project structureel beter in de markt staat.’ Volgens Van Dijk
wordt dit erkend bij SNN, gezien de besluitvorming over de
subsidie voor de volgende fase. ‘Men heeft zich uitgebreid in
TxU verdiept, maar dit keer wel snel een besluit genomen. Dus
is er daar draagvlak.’ Het succes van TxU toont voor de
RuG-hoogleraar nog maar weer eens aan dat het ontwikkelen van
goed beleid een kwestie van lange adem is. ‘Dat draai je niet
op een achternamiddag in elkaar. TxU is al acht jaar bezig en
heeft in die tijd veel expertise opgebouwd. Het is daarom goed
dat TxU nu meteen door kan gaan.’ | |
|